Waarom copywriters en journalisten (niet) hetzelfde verdienen, de copy-versie

Een echte copywriter: minder woorden, meer waarde.

Steeds meer journalisten profileren zich als commercieel tekstschrijver. Zij werken met een prijs per woord en zijn niet gewend korte, krachtige copy te schrijven. Een ervaren copywriter hanteert een vaste uurprijs en gebruikt niet meer woorden dan nodig om de lezer te overtuigen van jouw meerwaarde. Dus wil je overtuigende reclame- of webteksten? Kies dan voor een échte copywriter. Vraag nu een offerte!

Meer achtergronden en duiding? Klik naar de journalistieke versie!

Waarom copywriters en journalisten (niet) hetzelfde verdienen, de journalistieke versie

Grote prijsverschillen tussen copywriters en journalisten

“Wat kost een tekstschrijver”, “copywriter tarieven” en afgeleide zoekwoordcombinaties bezetten steevast de top van mijn trefwoordstatistieken. Dit blog blijkt in de resultaten van Google goed te scoren bij mensen die willen weten wat een tekstschrijver of copywriter kost. Niet dat ik daar onverdeeld blij om ben, want mensen die de prijs als voornaamste criterium hanteren, kunnen mij meestal niet betalen. Tenminste, dat dacht ik. Want wie schetst mijn verbazing toen ik dit vier jaar oude artikel tegen kwam. Het gaat over de gemiddelde tarieven van journalisten. En die verdienen vaak meer dan ik!

Geen zin in het hele verhaal? Klik door naar de copy-versie!

Het prijsverschil tussen copywriters en journalisten

Zelf had ik altijd begrepen dat een copywriter een hogere prijs kan vragen dan een journalist, die op zijn beurt weer meer verdient dan een redacteur of een corrector. De reden heeft met economische waarde te maken. Terwijl ik dit artikel schrijf, ben ik meer Lees verder

Tekstschrijver & copywriter voor reclametekst en web content

Als copywriter / tekstschrijver krijg ik regelmatig te horen dat teksten in reclame en op websites niet gelezen worden. “Dus”, zo zeggen ze, “gebruik maar zo min mogelijk tekst.” Natuurlijk, bepaalde reclames kunnen heel goed met weinig tekst af. Een zomers billboard van Heineken heeft genoeg aan een foto van een bedauwd glas en één woord: “Biertje?”. Maar ik kan hier niet volstaan met de vraag “Tekstje?”. Web content – informatie op het internet – wordt niet gevonden zonder tekst. Een webtekst mag niet te summier zijn, en moet voldoen aan  Lees verder

Verzin een mop!

Je krijgt wel eens van die opdrachten… Klanten (en in mijn geval zijn dat vaak de klanten van mijn klanten, want ik werk vooral voor reclamebureaus) die per se iets gewaagds en baanbrekends willen. Iets schokkends. Iets met ohlala, asjemenou en papperlepap,  dat zéker blijft hangen bij de doelgroep.  Lees verder

Deejay Cor van Klooster gooit hoge ogen bij Google

Ongeveer een jaar geleden schreef ik de websiteteksten voor DJ Cor van Klooster. Deze professionele diskjockey had al wel een site, maar hij was niet tevreden over de vindbaarheid. Ook vond hij de teksten niet goed genoeg. Hij vroeg mij daarom of ik hem kon helpen. Dat kon.

Ik analyseerde zijn bestaande webstek en stelde voor de teksten te herschrijven aan de hand van een interview. Hij vertelde me telefonisch wat hem drijft (entertainen), wat hij kan (een feest bouwen) en wat zijn klanten krijgen (een onvergetelijke happening).

Zoals zo vaak met gepassioneerde klanten, werd ik helemaal enthousiast van zijn verhalen. Ik vond het dan ook ontzettend leuk Lees verder

Het geheim van goede reclame: Vertel de waarheid!

Deze week wees een klant me op een TED-lezing van Simon Sinek, over ‘The Golden Circle’. Skeptisch als ik ben zag ik er eerst niet zo veel in. Al die marketinggoeroes zijn er vooral voor het promoten van hun eigen carrière. De beste omschrijving voor hun presentaties is het mooie Amerikaanse woord ‘glib’. Het zijn gladde, slijmerige, slimme maar oppervlakkige verkooppraatjes, die op zijn best langs de waarheid scheren.

Maar toch… deze Sinek heeft een punt. Hij vertelt dat succesvolle bedrijven en mensen niet hun producten verkopen, maar hun mentaliteit. Het gaat niet om het wat je doet, niet om hoe je het doet, maar waarom je het doet! Succesvolle bedrijven hebben Lees verder

Lijstjes vervliegen, verhalen beklijven

Op het blog van onvolprezen copycollega Tekstschrijver Tim staat een stukje over ‘story telling’, met een link naar een boeiende TED-talk over mensen die meedoen aan officiële geheugenwedstrijden en de trucs die ze gebruiken om zo veel mogelijk random lijstjes (speelkaarten, getallen, namen en telefoonnummers) te onthouden.  Hierzo. Nou heb ik me er nooit zo in verdiept, in dat hele ‘story telling’ niet. Wel schreef ik ooit een stukkie over mijn visie op opsommingen. Dat die dus niet werken. Het verhaal van die TED-vent sluit daar naadloos bij aan. Een opsomming kun je niet onthouden, tenzij je hem inbedt in een verhaal. Dat is exact wat de geheelonthouders doen om hun lijstjes er in te stampen.

En dat is ook exact wat ik bedoelde met mijn antiopsommingenverhaal. Nog steeds, bijna wekelijks, krijg ik van klanten het verzoek om lijstjes met voordelen, usp’s (sic!) Lees verder

Aambeien en spataderen

Heb je wel eens last van je aambeien gehad? Ik wel. Dat was toen ik in West-Friesland in de bollenvelden werkte, en urenlang op mijn knieën voorovergebogen moest zitten. Ook krijg ik aambeien van windsurfen, kennelijk omdat ik onbewust sta te persen. Gebrek aan techniek, bekken kantelen en zo, ik weet het. Gelukkig is er een goede remedie: niet windsurfen. Aambeien zitten bij ons in de familie. Dat wil zeggen, Lees verder

Brainstormen en innoveren met de WBA Brain Chat!

Na 21 jaar freelancen in copy & concept ben ik redelijk volwassen als het gaat om conceptontwikkeling en creatief-commercieel schrijven. En doordat ik ruim de helft van die tijd vanuit Frankrijk werkte,  heb ik als vanzelf veel kennis opgedaan van online vindbaarheid (SEO), bloggen en social media. Expertise waar jij wellicht ook iets aan hebt.

Nou vind ik het spannend om mee te denken over productontwikkeling, start-ups en strategische vraagstukken, zeker voor online communicatie. Helaas is een reis van 800 km voor een paar uur brainstormen te begrotelijk en slecht voor mijn Lees verder

Tien geboden voor tekstschrijvers

1. Gij zult geen overdreven pompeus vocabulair bezigen.

2. Gebruik, tenzij het écht niet anders kan, geen tussenzinnen.

3. Schrijf woorden voluit t.b.v. een beter tekstbegrip.

4. Dubbele ontkenningen vormen een niet onaanzienlijk obstakel.

5. Gebruik geen anakoloeten of vakjargon.

6. Actieve taal wordt door de lezer beter begrepen.

7. Markeer de belangrijkste woorden in je tekst.

8. Let op de spelling: schrijf korrekt Nederlands.

9. Vermijdt ook grammaticale fouten.

10. Schrijf bij voorkeur zo veel mogelijk korte zinnen van maximaal 14 woorden, zeker op het internet, omdat daar de lezers vanaf een beeldscherm moeten lezen, hetgeen zoals bekend 20% langzamer gaat dan het lezen vanaf papier.

 

 

 

Wat is het verschil tussen copy en tekst?

Deze week kreeg ik een vreemde vraag via de Twitter. @DorienvanSchie schreef:

@KrekHak wat is volgens jou het verschil tussen copy en tekst?

Gek. Nooit over nagedacht. Wel over het verschil tussen een copywriter en een tekstschrijver. Als copywriter schrijf ik teksten. Soms noem ik dat copy. Omgekeerd zal een tekstschrijver zijn eigen werk waarschijnlijk alleen tekst noemen, of eventueel kopij, maar nooit copy. Of toch? Ik weet het niet. Je zou het een tekstschrijver moeten vragen. Na enig nadenken gaf ik Dorien antwoord, waarna zich de volgende conversatie ontspon: Lees verder

Trefwoorden: zorg je wel voor voldoende keyword density? NEE!

Aaargghhh! Weer een klant die mijn tekst door een online trefwoord-analyse-machine heeft gehaald en klaagt dat zijn belangrijkste trefwoord slechts 2% van het totale tekstvolume omvat. Het staat er nu 9 keer in en dat moet minstens 13,5 keer zijn volgens de SEO-experts. 3% namelijk. Of ik dat even aan kan passen.

Ik haal een paar keer diep adem en vraag: “Wat vind je verder van de tekst?”

Hij lacht schaapachtig: “Ja, nee, prima, leest lekker weg, precies wat ik zocht, helder verhaal. Alleen… Lees verder

Full-service bureau dat álles kan. Nou ja, bijna alles.

Ah, de Adformatie! Ik trek hem uit het plastic. Voor de verandering weer eens een dik nummer. Bovendien is het omslag van een glanzende papiersoort. Zo lijkt ons steeds grijzer wordende vakblad wel een glossy! Het stevige papier verbergt een luxe uitklapadvertentie. Drie kleurrijke pagina’s met kopregels en speciaal geknutselde visuals over respectievelijk meedenken (lamp!), online bereik (muis!) en toegevoegde waarde (plusje!), plus één pagina met tekst. Kijk, dát is uitpakken van ABOVO Media!

Wat zou dat nou kosten, zo’n viertrapsuiting? Al gauw tienduizenden euro’s, gok ik. En dan hebben we het alleen nog maar over de plaatsing. Die visuals, heel origineel opgebouwd uit elementen van het logo, lijken me ook niet iets wat je even in een uurtje Lees verder

Content laten schrijven. Wat kost dat?

Ik kreeg een mailtje van een webmaster die mij artikeltjes wilde laten schrijven als content voor zijn receptensite. Dit om zijn ranking bij Google te verbeteren. Wat dat moest kosten? Die vraag is niet zo makkelijk te beantwoorden. Het ligt er immers aan hoe lang die artikelen moeten zijn, wat de input is en welke intellectuele inspanning gevraagd wordt. Zo schrijf ik columns voor www.eyeopen.nl op basis van weinig meer dan een onderwerp en soms wat linkjes. Ze nemen minimaal één artikel per week af, van maximaal 450 woorden. Hiervoor krijg ik 175 euro per stuk. Dat vind ik genoeg, omdat het erg leuk werk is. EyeOpen geeft me alle ruimte om te schrijven wat ik wil, zelfs als dat kritisch is. Het hoeven dus zeker niet alleen juichende stukken over spaarvormen en financieel advies te zijn. Lees verder

Mag de copywriter zich bemoeien met SEO?

Beetje een rare vraag, want de meeste tekstschrijvers zullen search engine optimalisation* (SEO: schrijven om goed gevonden te worden via Google) inmiddels als onlosmakelijk onderdeel van hun vak zien. Toch krijg ik nog wel opdrachten met in de briefing de opmerking: “Je hoeft alleen de tekst maar te schrijven. De SEO, dat doet een extern bureau.”. HEU?!

Webcopy ís SEO
Ik schreef het al eerder: hoe briljant ook, een webtekst die geen rekening houdt met SEO wordt niet gevonden. En dus niet gelezen. Dan kun je nog beter een fluttekst schrijven die wél gevonden wordt. Als het aanbod op de site sterk genoeg is, heb je tenminste nog Lees verder

Gratis webtekst voor startende ondernemers!

Een ervaren SEO copywriter en conceptbedenker? Helemaal voor niks? Inderdaad, vanaf vandaag schrijf ik tot eind 2012 elke maand een gratis webtekst voor een startende ondernemer. In het kader van ‘wie goed doet, goed ontmoet’ zullen we maar zeggen.

Het onderwerp doet er niet toe. Als jij een website te vullen hebt maar je kunt je eigenlijk geen echte copywriter veroorloven, meld je dan via deze pagina. Als ik jouw bedrijf interessant en sympathiek vind, ga ik mijn uiterste best doen om Lees verder

Hoe strik je een stropdasklant?

Joepie! Een nieuwe klant. Het gaat om de allereerste en nog steeds een van de grootste winkels voor stropdassen online en ik mag ze helpen met het verbeteren van hun zoekresultaten. Hartstikke leuk natuurlijk, want het is een mooi afgerond onderwerp en er is flink wat concurrentie, dus uitdaging zat. Nu hebben ze gelukkig een prima uitgangspunt: de domeinnaam stropdassen.nl. Met zo’n naam word je allicht snel gevonden als iemand op Google.nl zoekt naar ‘stropdassen’. Het is nu de uitdaging om ook met andere zoekwoordcombinaties hoog in de resultaten te komen. Dus mag ik teksten schrijven over stropdassen. Lees verder

SEO: hoe gebruik ik url, page title en description?

Goed gevonden worden door de zoekmachines. Het blijft een continue zorg. In de serie SEO voor beginners wil ik het dit keer hebben over de drie-eenheid die dient als lichtend pad voor Google: de page title, de url en de heilige description. Eerst even duidelijk maken waar we het over hebben:

De page title is de regel die in de bovenste balk van je browser staat.

De url is de unieke adresregel waaronder de pagina op internet te vinden is. Veel mensen gaan naar een pagina door de naam bij Google in te voeren, maar zelf tik ik vaak de url van een site met de hand in.

De description is een korte beschrijving van de desbetreffende webpagina. Deze staat verstopt in de html-code van de pagina. De bezoeker zal hem dus gewoonlijk niet zien. Maar Google leest hem wel.

Wat doet Google met de page title, url en description?
De zoekmachine kijkt wat er in de page title staat, en kijkt of dit klopt met de url en de description. Ook vergelijkt Google al deze informatie met de inhoud. Hoe beter de informatie bij elkaar past, des te vertrouwenwekkender zal de pagina overkomen. En des te hoger zal hij in de resultaten getoond worden.

Een concrete pagina
Het is allemaal nogal abstracte materie. Nou wil ik niet op mijn hurken gaan zitten, maar dit ís nu eenmaal de serie ‘SEO voor beginners’. Daarom heb ik een speciale voorbeeldpagina aangemaakt op krek.nl. Als je die tegelijk opent met dit artikel (in een nieuw venster bijvoorbeeld), dan kan ik je beter laten zien wat ik bedoel.

Page Title: waar gaat het eigenlijk over?
OK. Heb je de pagina er bij? Laten we beginnen met de Page title. Die is ‘URL, Page Title en Description – belangrijke informatie voor zoekmachines – SEO TIPS!’ Ik wil gevonden worden op de drie belangrijkste zoekwoorden, dus die staan vooraan. Daar bak ik een soort kopregeltje aan vast, met ook het woord ‘zoekmachines’ er in. En omdat ik ook de term SEO nog even kwijt wil, plak ik die er achter.
Je ziet wel van de hele lange page titles waarin niet echt een zin staat maar meer een verzameling keywords. Dat is niet zo slim. Ik weet eerlijk gezegd niet of Google die allemaal meetelt, maar je lezer zit er niet op te wachten. Die krijgt het gevoel dat je niet met hem bezig bent, maar dat je alleen maar trefwoorden zit te pompen.

URL: domeinnaam en pagina-aanduiding
De adresregel van je internetpagina bestaat uit het domeinadres: ‘http://www.krek.nl’ plus de precisering van de pagina, in dit geval is dat ‘url-pagetitle-description’ Daarachter nog .html, om aan te geven dat het om een pagina in html-code gaat. Soms is dat ook .axp of zo, geen idee wat dat is, maar daar gaat het ook niet om. Helaas staat de software waarmee ik mijn sites bouw niet toe om meer dan 25 tekens te gebruiken in de url. Anders had ik hem nog wat langer gemaakt om meer relevante trefwoorden toe te voegen. De url wordt door Google namelijk sterk meegeteld, omdat ze er van uit gaan dat daar inderdaad staat waar de pagina over gaat.

Slechte URL’s geven geen informatie
Je ziet vaak pagina’s die geen beschrijvende URL hebben. Dan staat er bijvoorbeeld www.krek.nl/node20?.html of zo. Inhoudelijk waardeloos. Zonde. Dus als je een site laat bouwen, eis dan een managementsysteem waarbij je zelf de url van elke pagina kunt aanpassen. Overigens zul je opmerken dat op dit blog deze functie geautomatiseerd is. De URL en de page title worden automatisch afgeleid van de kop boven elk artikel. Niet optimaal, maar in ieder geval consequent. En Google houdt van consequent.

Description – waar vind ik hem?
Je kunt de description vinden als je met je rechter muisknop op de webpagina klikt en kiest voor ‘toon htmlcode’ of ‘show page source’ of iets vergelijkbaars, afhankelijk van de ingestelde taal. Er opent dan een nieuw venster met alleen letters. Als je de code van de voorbeeldpagina doorkijkt, staan ergens bovenin de metatags. Dat zijn etiketten die de zoekmachine gebruikt als instructies. De tweede is iets als:
meta name=”description” content=”Een boeiend artikel over optimaal gebruik van page title in combinatie met url-adresregel en de meta-tag description, binnen het thema SEO voor beginners. Verder heel veel informatie over webcopy, copywriting, zoekmachineoptimalisatie en tekstschrijven voor het internet. Succes met schrijven!”. Dat is ‘m dus.

Wat zet ik in de description-tag
Je kunt in deze beschrijvende metatag het beste een korte omschrijving geven van wat je op deze pagina te bieden hebt. Gebruik weer dezelfde keywords, liefst ergens aan het begin. Maar belangrijker is nog dat dit stukje tekst je pagina verkoopt aan de bezoeker. Het is je uithangbord!

De description als klantentrekker
Je denkt misschien: “Uithangbord? Ik zie dat ding niet eens als ik de site bezoek!” Da’s waar, maar als het een beetje meezit, dan heb je hem wel gezien vóór je de site ging bezoeken. Google gebruikt de description namelijk als ‘snippet’. In de zoekresultaten bij Google staat de naam van de pagina, met daaronder een stukje tekst van ongeveer 150 à 160 tekens. Als je pagina een description-tag heeft, dan kiest Google die als beschrijving. Dus met je description kun je de zoeker nog even snel overtuigen om op jouw site te gaan kijken.

Je hebt 155 tekens om je punt te maken
Hierboven kun je zien dat ik de eerste 155 tekens van de description vet gemaakt heb. Dat is dus wat mensen zien als ze mijn webpagina vinden bij Google: “Een boeiende artikel over optimaal gebruik van page title in combinatie met url-adresregel en de meta-tag description, binnen het thema SEO voor beginners.” Alle trefwoorden zitten er in, en het belooft boeiend te worden. Op mijn homepage ben ik zelfs nog verder gegaan. Daar staat de page description: “Freelance copywriter voor copy, concept of SEO webteksten? Lekker leesbaar en niet te duur? Klik naar KREK. Copy & Concept en… klaar! Dat is precies wat Google toont als je mijn site vindt. Een kernachtige belofte met de belangrijkste trefwoorden, die afsluit met een oproep tot actie. En het werkt!

Hij mág langer!
Je hoeft het niet bij die 155 tekens te laten. De rest is niet zichtbaar in de Google-resultaten, maar telt wel degelijk mee bij het indexeren van je pagina. UPDATE: volgens Tekstschrijver Tim is dit niet waar. Zelf weet ik het niet zeker. Maar kwaad kan het in ieder geval niet! Vandaar dus dat ik na de 155-tekenlimiet nog een zinnetje met andere trefwoorden heb toegevoegd: “Verder heel veel informatie over webcopy, copywriting, zoekmachineoptimalisatie en tekstschrijven voor het internet.”
UPDATE2: Nader onderzoek leert dat de aanvullende tekst in de description tag inderdaad niet meer wordt meegeteld als ‘zoekresultaat’. Als je bovenstaande tweede – niet vette – stuk description tag zoekt bij Google, vind je alleen mijn blogs, en niet de desbetreffende webpagina. Kortom, schrijf alle relevante info in de 150 tekens, puur bedoeld om mensen te laten doorklikken.

Slechte descriptions: niet doen!
De allerslechtste description is géén description. Ga je op een site kijken en staat in de source code geen content achter meta name=”description” dan heeft de pagina überhaupt geen description. Gemiste kans. Google pakt dan de eerste zin uit de pagina of een paar flarden die aansluiten bij de zoektermen. Als je sitetekst begint met: “De wereld is in verandering, de ontwikkelingen volgen elkaar in hoog tempo op. Het is tijd om mee te veranderen, Krek. helpt u daarbij.” dan staat dat dus in de zoekresultaten. Weten de mensen nóg niet wat je doet.
Ook slecht zijn de trefwoord-descriptions. Dan heeft iemand gewoon een hele reutel keywords in de description-tag gedumpt. Vaak veel meer termen dan terug te vinden zijn in de bodytekst, wat Google interpreteert als onwaarachtig. En met geen enkele overtuigende waarde. Niet doen dus. Ook het steeds gebruiken van dezelfde description voor elke pagina is zonde. Schrijf hem zo, dat hij aansluit bij de specifieke content, telkens weer, voor elke pagina.

Disclaimer
Voor de goede orde, ik ben geen echte SEO-specialist, maar een eenvoudige copywriter die domweg probeert de SEO er zo goed mogelijk bij te doen. Ik zit niet bovenop de ontwikkelingen van Google’s criteria bij het ranken van sites. Dus het zou zomaar kunnen dat wat ik hierboven beweer inmiddels hopeloos verouderd is. Toch kun je er rustig van uit gaan dat je mét mijn adviezen een beter resultaat krijgt dan zonder. Dus ik zou zeggen… Succes met schrijven!

SEO voor beginners – Ben je goed vindbaar op Google?

In de serie ‘zoekmachineoptimalisatie voor iedereen’ schreef ik al eerder iets over hoe je door veel relevante tekst te gebruiken beter scoort bij de zoekmachines. Dit keer wil ik het hebben over het testen van je eigen vindbaarheid. Er zijn verschillende simpele manieren om te kijken of je bij Google en consorten al met de grote jongens mee mag doen of dat je nog steeds voor spek en bonen op het internet aanwezig bent.

Ben je vindbaar op Google?
De belangrijkste bron om te testen of je vindbaar bent op Google, is Google zelf. De Google PageRank (PR) bepaalt mede je klassement in de zoekresultaten. De PR is gebaseerd op de kwaliteit van je site-inhoud, de hoeveelheid links die naar je site verwijzen en de kwaliteit van die links. Als je bijvoorbeeld een restaurant hebt, weegt link vanuit (ik noem maar wat) een recensie over jouw tent bij Michelin.fr veel zwaarder dan eentje vanuit een linkverzamelsite waar je op één pagina staat met tientallen restaurants, cafés, pretparken en andere uitspanningen.

Je ranking checken
De makkelijkste manier om de pagerank te controleren is door de Google toolbar aan je browser (Firefox, Internet Explorer en dergelijke) toe te voegen. Je kunt hem hier downloaden. Daarnaast zijn er verschillende sites waar je je rank kunt opzoeken, zoals deze. Je ziet dan meteen ook wat je Alexa ranking is (vooral interessant voor grote professionele sites) en of je site opgenomen is in de open internet directory DMOZ. Is dat laatste niet het geval, dan is het raadzaam om je daar alsnog in de juiste categorie aan te melden. Dat is gratis en goed voor je vindbaarheid via de zoekmachines.

En? Hoe doe je het?
Een hoge pagerank is een indicatie dat je site goed aangeschreven staat. Een site met PR 5 zal met dezelfde zoektermen hoger in de resultaten komen dan een identieke site met PR 3. Heel veel actief onderhouden huis-tuin-en-keuken-sites hebben overigens pagerank 3 of 4. Een PR van 5 of 6 is dus zeer respectabel. De allerhoogste score is 10, maar zover ik weet haalt niemand dat. De homepage van Twitter.com bijvoorbeeld, komt op 9. Ter vergelijking: Krek.nl heeft pagerank 3. Als het gaat om de Alexa-rating, een soort toplijst van alle sites ter wereld, sta ik ergens rond de 3,8 miljoen. Allerminst indrukwekkend.

De lakmoesproef – vindbaarheid in de praktijk
Gelukkig is de ranking maar een theoretische indicatie van je vindbaarheid. Het is veel interessanter om te weten hoe je in de praktijk gevonden wordt. Om dat uit te vinden, is er een simpele lakmoesproef. Kopieer een stuk originele tekst, liefst een hele zin met daarin een paar relevante trefwoorden, van je homepage. Ga vervolgens naar Google Advanced search. Plak daar de tekst in het bovenste veld en klik op ‘search’.
Als je site niet op de eerste pagina in de resultaten verschijnt, is er al enige aanleiding tot zorg. Doe nu hetzelfde nog eens maar gebruik nu het tweede veld. Je zoekt dan op precies die zin in precies die woordcombinatie. Nu móet je site op nummer 1 staan. Is dit niet het geval, dan is je site niet door Google geregistreerd, of de gekozen zin is niet origineel. We zien dit vaak met bijvoorbeeld toeristische sites, waarbij iedereen elkaars ronkende teksten pikt. Google herkent dit soort ‘duplicate content’ en geeft de allereerst gevonden versie een goede ranking. Alle geplagieerde versies komen veel lager in de resultaten. Net goed.

Noot: niet je eigen naam googlen!
Zorg er wel voor dat in de zin die je gebruikt alleen trefwoorden staan die mensen logischerwijs gaan gebruiken in zoekopdrachten. Als je je eigen naam invult, is de kans dat je goed scoort vele malen groter. Natuurlijk moeten potentiële klanten die op jouw naam zoeken je site op de nummer één-positie aantreffen, maar dit is van ondergeschikt belang. Die mensen kennen je al via een andere weg en vinden je toch wel, al was het via het telefoonboek. De groep die je nog niet kent en die alleen op je product of dienst zoekt, is veel interessanter!

Woordcombinaties
Laten we er van uitgaan dat je site de eerste test doorstaan heeft. De volgende stap is uitzoeken met welke woordcombinaties je site goed scoort. Laten we weer even uitgaan van mijn eigen site, die van KREK. Copy & Concept. Deze site heb ik vlak voor mijn emigratie in 2.000 zelf gebouwd (daarom is hij zo lelijk) en volgeschreven om ook in Frankrijk gevonden worden met trefwoorden die beschrijven wat ik ben – ‘freelance copywriter’, ‘freelance tekstschrijver’ – en wat ik lever: ‘freelance copy’ en ‘copy & concept’. Ik voer dus simpelweg deze teksten in bij www.google.nl en kijk of ik zo gevonden wordt. (consequent 1e pagina, behalve bij freelance tekstschrijver, daar ben ik zo goed als onvindbaar, met een positie op de 10e pagina. Toch eens wat aan doen.).

UPDATE 22/09/2009: ik heb er wat aan gedaan en sta nu op pagina 2. Nu doorpakken!

Wat nu?
Goed, je weet nu of je vindbaar bent en met welke trefwoorden je gevonden wordt. Als je tevreden bent, dan heb je kennelijk een goede sitebouwer en heb je allicht ook zelf het nodige gedaan om externe links te krijgen. Gefeliciteerd. Maar wat als je níet tevreden bent? Hoe kun je ervoor zorgen dat je met bepaalde trefwoordcombinaties hoger scoort? Dat behandel ik graag een volgende keer.

UPDATE (juni 2013): De manier waarop Google sites waardeert verandert snel. Sommige onderdelen van bovenstaand artikel, zoals het stuk over de pagerank, zijn inmiddels verouderd. Maar waar het gaat om het testen van je eigen vindbaarheid, klopt alles nog redelijk.

Eerder in deze serie: Schrijven om gevonden te worden