Het mooie van schrijven is dat ík bepaal waar jij aan denkt. Zo lang jij verder leest, dicteer ik jouw gedachten. Dus als ik wil dat jij denkt aan een arm zigeunerjongetje dat een paardenbloem eet terwijl er een traan over zijn wangen biggelt, dan denk jij aan... precies. En maak ik van die paardebloem een rulle dampende kalfsvleeskroket en van het arme zigeunerjongetje Jort Kelder in de PC Hooftstraat, dan zie jij voor je geestesoog Jort Kelder een rulle, dampende bruine staaf weghappen tussen veel te dure winkels. Heerlijk!
Mijn macht over jouw gedachten gaat tamelijk ver. Gewoonlijk zou je misschien niet geneigd zijn te denken aan een rottende wond vol maden op het been van een zieke bejaarde. Maar ja, ik schrijf er over en je leest het. Dus je moet wel. Tenzij je nu
...lees verder »